Van Groepspoepen Naar WC-Schaamte: de geschiedenis van de wc

Poepen. Iets dat we allemaal doen (toch??), maar alleen achter een gesloten deur, met niemand die die plons kan horen. Ik heb nog nooit iemand zien poepen. En precies omdat mijn ex wist hoe goor ik dat idee vond, stuurde ze doodleuk een selfie vanaf de wc. En vanaf dat moment was ze m’n ex.

Maar zonder grappen, net als ik kunnen veel mensen waarschijnlijk niet eens poepen zonder totale afzondering.

Toch is die geheimhouding eromheen verrassend nieuw.

Eeuwenlang poepte men zonder schaamte, zonder deur, zonder hokje, en vaak met meerdere mensen naast elkaar, alsof het de normaalste sociale activiteit ter wereld was.

Maar hoe zijn we gegaan van groepspoepen naar paniek als iemand de deurklink beweegt?

Ik neem je mee door de bizarre geschiedenis van de wc en onze toiletgewoonten, beginnend bij…

Romeinse latrine waar mannen naast elkaar zitten te poepen, één perst zichtbaar terwijl een ander een tersorium vasthoudt. Een typisch tafereel uit de geschiedenis van de wc

5000 v. Christus: Hoe de eerste mensen poepten

In deze vroege prehistorische tijd van de ‘holbewoners’ bestonden er nauwelijks regels of normen rond poepen. 

Bij hoge nood hurkte je gewoon tegen de dichtstbijzijnde boom, en als iemand zich extra deftig voelde, werd het nog een beetje met zand bedekt.

Sommige stammen waren al iets georganiseerder en hadden een vaste plek net buiten het leefgebied die als toilet diende. 

Maar goed… ook toen moet je vast raddraaiers of alfamannetjes gehad hebben die dachten: ‘Regels zijn niet voor mij.’

Andere groepen woonden dicht bij een rivier en deden hun behoefte daar, soms zelfs expres stroomopwaarts om de stam verderop een beetje te pesten.

Fun fact: die aangewezen toiletplaatsen werden later gebruikt om gewassen te planten, omdat men zag dat planten om de één of andere reden sneller en groter groeiden.

Duizenden jaren later, in Egypte, begon er iets te veranderen. De Egyptenaren waren waarschijnlijk de eersten die een stenen toilet in een privéruimte gebruikten, al was dat een luxe die alleen voor de rijken was weggelegd.

Bij sommige huizen was de wc aangesloten op een afvoerkanaal dat rechtstreeks naar de straat liep, zodat een beetje water de ontlasting zo het publieke leven in spoelde. In andere rijke huishoudens hadden slaven de ondankbare taak om alles met de hand te verwijderen.

Bij de armere huishoudens was het niet veel beter: zij gebruikten houten potten die vaak gewoon naast het bed stonden en ’s ochtends op straat werden geleegd.

En zo fungeerden straten als open riolering, een bizar systeem dat nog duizenden jaren de standaard zou blijven.

500 v. Christus: Rome, groepspoep en de gedeelde spons

Bij de oude Romeinen was naar de wc gaan een gezellige groepsactiviteit. In openbare latrines zat iedereen zij aan zij op een lange stenen bank met gaten erin.

Ik vind een sta-wc in een café al ranzig, laat staan dat je elkaar recht aankijkt terwijl je zit te persen. Privacy bestond daar simpelweg niet.

Het meest bizarre is dat ze toen allemaal dezelfde spons gebruikten om zich af te vegen. 

Die tersorium, zoals dat ding heette, werd even door een bak met water of azijn gehaald, meestal gewoon zout water, en ging daarna direct door naar de volgende gebruiker. 

Gadverdamme.

En het verbaast me echt dat het in Europa vanaf dit punt alleen maar bergafwaarts ging. Eeuwen later, in de middeleeuwen, was het namelijk weer één grote shitshow.

Middeleeuwen: Waar de straat het riool was

Mensen gooiden hun volle nachtpotten zonder enige waarschuwing uit het raam, recht de straat op.

De straten stonden daarom regelmatig enkeldiep in een mix van poep, pies, modder, afval en dierendrek, wat zorgde voor een soort permanente putlucht.

En de ziektes hadden daardoor vrij spel. Het is dan ook geen wonder dat epidemieën als de pest zo hard toesloegen.

Zo veegde de Zwarte Dood in de 14e eeuw complete steden bijna van de kaart en stierf soms wel de helft van de Europese bevolking.

18e eeuw: De stank in het paleis van Versailles

Zelfs in de tijd van pruiken en pracht bleef het verrassend ranzig, ook aan het hof. 

In het achttiende-eeuwse paleis van Versailles, bij koning Lodewijk XIV, waren nauwelijks toiletten te vinden terwijl er duizenden mensen rondliepen. 

Zelfs adellijke gasten en hun bedienden deden hun behoefte gewoon in hoeken van gangen en binnenplaatsen.

Zo was Versailles uiteindelijk het chicste en tegelijkertijd smerigste paleis ter wereld.

Het werd zo goor dat Lodewijk XIV de wc-gangen verbood en opdracht gaf om wekelijks alle drollen weg te schrobben.

Zelfs de elite waadde dus gewoon door de stront.

1858: De Grote Stank en de doorbraak van de wc

In Londen was de situatie zo uit de hand gelopen dat de rivier de Theems één grote open vuilnisgoot was geworden.

Tijdens de hete zomer van 1858 begon al dat rottende afval zo intens te stinken dat het parlement serieus overwoog om de stad te verlaten. 

Die beruchte periode staat nu bekend als de Great Stink, oftewel de Grote Stank.

Ondertussen braken cholera-epidemieën geregeld uit en stierven duizenden mensen doordat hun drinkwater vervuild was met poep. 

Uiteindelijk dwongen deze rampen de steden tot actie.

Rond 1860 werden moderne riolen aangelegd en begon het nieuwe doortrektoilet langzaam normaal te worden.

Voor het eerst verdween ontlasting netjes in buizen onder de grond, in plaats van op straat. 

Moderne tijd: Van wc-papier tot hightech toilet

Vandaag de dag kunnen we ons bijna niet meer voorstellen hoe smerig het ooit was.

Het contrast kan niet groter zijn. Je zit in alle rust alleen op een schoon toilet, doet je behoefte, drukt op een knop en alles verdwijnt netjes uit het zicht.

En luxe toiletten hebben tegenwoordig verwarming, automatische sprays en zelfs muziek.

In Japan spuit er een warm waterstraaltje dat je billen schoonmaakt en gaat de bril vanzelf omhoog en omlaag.

Besef even: wc-papier is pas iets van de negentiende eeuw. Daarvoor veegden mensen zich schoon met die gedeelde spons.

Na dit alles ben ik gewoon blij dat mijn wc in 2025 doorspoelt en dat ik niet hoef rond te lopen in een middeleeuwse straat vol poep, stank en ellende. 

De geschiedenis van toiletten laat perfect zien hoe ver we zijn gekomen, en de geschiedenis van de wc is eigenlijk één groot opluchtingsverhaal.

En dankjewel aan Regi Stubbs voor het meeschrijven aan dit artikel, het was zijn idee en hij heeft er veel aan bijgedragen.

Ik heb een hele video over dit onderwerp gemaakt op mijn YouTube-kanaal voor wie er verder in geïnteresseerd is, en het zou geweldig zijn als je me hier wilt steunen, omdat er enorm veel tijd in gaat zitten.

Nog even kort een paar veelgestelde vragen.

Wanneer begonnen mensen toiletten te gebruiken? Mensen gebruiken al verrassend lang iets wat op een wc lijkt, al was dat duizenden jaren lang vooral weggelegd voor een select gezelschap. De geschiedenis van de wc begint namelijk veel eerder dan je misschien denkt. In de Indusvallei (het huidige Pakistan) hebben archeologen toiletten en riolen gevonden van rond 2600 v. Christus. Dat waren eigenlijk de eerste badkamers voor rijke mensen, compleet met afvoer. Niet slecht voor een tijd zonder elektriciteit, laat staan deodorant. In Europa zijn er zelfs nóg oudere, simpelere wc’s. In Skara Brae in Schotland (ca. 2500 v. Christus) hadden huizen een soort afwateringsgoot onder de wc-opening. Je zat dus op een steen en de natuur deed de rest. De oude Grieken en Minoërs hadden ook primitieve toiletten, maar de Romeinen waren de eersten die het echt groots aanpakten. Vanaf ongeveer 200 v. Christus bouwden zij openbare toiletten alsof het bushaltes waren. En toen Rome viel? Toen ging het hard achteruit. Eeuwenlang moest men weer improviseren met potten, kuilen en houten hokjes boven de sloot. Pas tijdens de Industriële Revolutie kwam er weer beweging in de zaak. In 1775 vond Alexander Cummings de sifon uit, een buis die eindelijk voorkwam dat je hele huis naar riool stonk. Held. Maar de echte wc-revolutie kwam pas eind 19e eeuw. Rond 1880 verschenen de eerste moderne porseleinen toiletten met waterspoeling bij rijke burgers. Pas toen steden riolen en waterleidingen aanlegden, begon de rest van de bevolking mee te profiteren. Vanaf de 20e eeuw werd de wc langzaam normaal in elk huishouden. Kortom: mensen poepen al millennia op allerlei creatieve manieren, maar de moderne, comfortabele privétroon die we nu kennen? Die is eigenlijk pas zo’n 140 jaar oud.

Hoe poepten mensen vroeger? Nou… héél anders dan wij nu, geloof het of niet. Privacy was letterlijk geen ding. Eeuwenlang deed men gewoon z’n behoefte in het openbaar of samen, zonder een greintje schaamte. Een deur op slot? Een eigen toiletkamertje? Dat waren luxeproblemen voor veel later. In het oude Rome zaten mensen gewoon naast elkaar op lange stenen bankjes met gaten. Groepspoepen was daar zo normaal als smalltalk bij het koffiezetapparaat. Je deed je ding en ondertussen vroeg je je buurman hoe z’n dag was. Niemand die daarvan schrok. En Rome was geen uitzondering. In middeleeuws Europa gooide men alle remmen los. Mensen poepten in potten of simpelweg in een kuil, en die zooi werd daarna vrolijk in de gracht of op straat geleegd. Lekker fris voor de buurt. In kastelen had je de garderobe: een soort uitbouwtje met een gat erboven, waar alles meters naar beneden stortte in de slotgracht. Een middeleeuwse versie van “out of sight, out of mind”. Kortom: onze voorouders kenden nul gêne. Poepen gebeurde vaak gewoon in het zicht van anderen, alsof het de normaalste zaak ter wereld was.

Hoe poepte de Romeinen? De Romeinen tilden het openbare wc-bezoek echt naar een ander niveau. In hun steden bouwden ze tientallen openbare latrines: lange marmeren of stenen banken met gaten op rij. Je ging zitten alsof je op een Romeinse variant van een kringverjaardag zat, en deed rustig je behoefte terwijl je buurman hetzelfde deed. Kletspraatje erbij? Waarom niet. Voor sommige wc’s moest je zelfs entree betalen. Ja, je betaalde om naast een wildvreemde te poepen. En ondanks dat groepspoepen daar zo normaal was, waren veel Romeinen ondertussen ook als de dood dat er een demoon uit het riool omhoog zou komen om ze tijdens het poepen te grijpen. Echt waar. Daarom hingen ze afbeeldingen van beschermgoden op de muren en droegen ze amuletten tegen kwaad gespuis. Maar goed: in de praktijk was een Romeinse wc vooral een sociaal evenement.

Wat gebruikten de oude Romeinen om zichzelf schoon te maken na het poepen? Je denkt misschien: geen wc-papier, hoe deden ze dat in hemelsnaam? Nou, niet met zachte drie-laags comfort, maar met een natte spons op een stok. De beruchte tersorium. Voor de wc-bank liep een klein gootje met water. Na de grote boodschap pakte men de spons, doopte die door een sleuf in het water en veegde de boel schoon. En ja… die spons werd vrolijk gedeeld met iedereen die daar zat. Men spoelde ’m wel even uit in water of azijn, maar fris kun je het niet noemen. Hoe vaak zo’n ding werd vervangen, weet niemand precies. Eén ding staat vast: de Romeinen hadden geen wegwerp-wcpapier, maar een herbruikbare billenspons. Lekker duurzaam.

Hoe poepten ze vroeger? Men poepte vroeger zonder poespas en met nóg minder hygiëne. Een paar honderd jaar terug had bijna niemand een wc. In steden zoals Amsterdam kieperden mensen de inhoud van hun kamerpot gewoon het raam uit, de gracht in. Als je daar liep, moest je dus serieus oppassen voor een spontane douche. Ja, echt. Op het platteland was het allemaal nog eenvoudiger. Men hurkte achter een boom of boven een sloot. Klaar. En sommige plekken waren nóg creatiever: in Den Helder deed men z’n behoefte doodleuk op het strand, waarna de zee het allemaal keurig wegspoelde. Gratis schoonmaakservice. In dorpen zonder privétoiletten, zoals Marken, gebruikte iedereen dezelfde centrale latrine. Gezellig is een groot woord, maar niemand wist beter. Tot ver in de 19e eeuw deelde een gezin vaak één emmer (probeer je even voor te stellen: tien man en één emmer), en soms moesten meerdere gezinnen samen één houten hokje gebruiken. Een momentje voor jezelf bestond simpelweg niet. Pas later ontstond het idee dat naar de wc gaan iets privés hóórt te zijn. En daar zijn de meesten van ons tegenwoordig maar wat blij mee.

Tot zover deze reis door de poepgeschiedenis. Leuk dat je tot het einde hebt gelezen (misschien zelf vanaf de wc?), dan delen we in ieder geval één ding: we hebben allebei opmerkelijke interesses.

Over Diederik

Diederik heeft een medisch-wetenschappelijke achtergrond. In zijn vrije tijd schrijft hij onder andere over gezondheidskwesties voor Human Nature.

Bronnen

Angelakis, A. N., Capodaglio, A. G., Passchier, C. W., Valipour, M., Krasilnikoff, J., Tzanakakis, V. A., … & Dercas, N. (2023). Sustainability of water, sanitation, and hygiene: from prehistoric times to the present times and the future. Water, 15(8), 1614.

Budge, S., Ambelu, A., Bartram, J., Brown, J., & Hutchings, P. (2022). Environmental sanitation and the evolution of water, sanitation and hygiene. Bulletin of the World Health Organization, 100(4), 286.

Yannopoulos, S., Yapijakis, C., Kaiafa-Saropoulou, A., Antoniou, G., & Angelakis, A. N. (2017). History of sanitation and hygiene technologies in the Hellenic world. Journal of water, Sanitation and Hygiene for Development, 7(2), 163-180.

Koloski-Ostrow, A. O. (2015). The archaeology of sanitation in Roman Italy: toilets, sewers, and water systems. UNC Press Books.

Vuorinen, H. S. (2014). Ancient Greek and Roman authors on health and sanitation. Evolution of Sanitation and Wastewater Technologies through the Centuries; Angelakis, AN, Rose, J., Eds, 429-438.