Waarom zijn Pubers Altijd op Oorlogspad? 4 Redenen

Meestal begint de puberteit tussen de 9 en 11 jaar. Ik was een rustige puber terwijl mijn oudere zus rebelser was en elke dag oorlog voerde met onze ouders.

Dat weerspiegelde zich dat jaar ook in haar schoolprestaties. Ze bleef zitten en belandde bij haar irritante broertje in de klas waar ik haar natuurlijk dagelijks aan herinnerde.

Maar goed, waarom vertoonde zij typisch pubergedrag terwijl ik destijds al zo volwassen was? (grapje)

KORT ANTWOORD

De hersenen van pubers zijn nog in ontwikkeling, terwijl hun lichaam overspoeld wordt met hormonen. Het specifieke hersengebied dat verantwoordelijk is voor impulscontrole en besluitvorming is nog niet volledig ontwikkeld. Hierdoor heeft een ander hersengebied de overhand dat geassocieerd is met emoties, impulsen, agressie en instinctief gedrag. Dit heeft natuurlijk invloed op hun stemming en interacties met anderen.

Pubers kunnen zich afzetten tegen hun ouders, maar onder invloed van groepsdruk kunnen ze ook stoer gedrag vertonen om indruk te maken op leeftijdsgenoten. Daarnaast worstelen tieners vaak met woede, wat soms kan wijzen op diepere problemen zoals sociale druk, pesterijen, traumatische ervaringen of mentale gezondheidsproblemen.

Kortom, puberaal gedrag is vaak een resultaat van zowel het zich ontwikkelende brein als de golven van hormonen. Gelukkig nemen de emotionele rollercoasters over het algemeen af rond de leeftijd van 18 jaar. Ondanks het wilde puberjaar van mijn zus is alles uiteindelijk goed gekomen. Ze is nu apotheker en staat me vaak bij met artikelen over medicijnen.

Dit artikel geeft inzicht in het tienerbrein, de ontwikkelingen tijdens de tienerjaren, en waarom sommige mensen helemaal niet lijken te puberen.

puber vertoont pubergedrag bij wanhopige ouders

Het puberbrein verklaart het pubergedrag

Bij tieners wordt het gedrag bepaald door hoe twee belangrijke hersengebieden, de prefrontale cortex en de amygdala, met elkaar samenwerken. 

De prefrontale cortex, die aan de voorkant van de hersenen zit, regelt dingen zoals rationeel denken, beslissingen nemen en het onder controle houden van impulsen. 

meisje vertoont puberaal gedrag bij moederMaar hier zit het bij tieners nog in de groeifase en is het nog niet helemaal ‘volwassen‘, wat doorgaat tot in de vroege volwassenheid.

Aan de andere kant hebben we de amygdala, dieper in de hersenen en verantwoordelijk voor emoties, angst en instinctieve reacties. 

Gek genoeg is deze bij tieners vaak al goed ontwikkeld, waardoor ze gevoeliger zijn voor emotionele reacties en impulsen. 

Wat opvallend is, is dat tieners, terwijl de prefrontale cortex nog in ontwikkeling is, vaak meer leunen op de amygdala bij het nemen van beslissingen.

Dit kan leiden tot impulsieve acties, sterke emotionele reacties en een neiging tot risicovol gedrag. 

Denk aan situaties waarin tieners gevoelig zijn voor groepsdruk, nieuwe dingen uitproberen en onverwacht reageren op stressvolle situaties. 

Het begrijpen van deze dynamiek helpt om de soms wat chaotische gedragspatronen tijdens de tienerjaren te verklaren.

Belangrijk om te weten is dat dit een natuurlijk proces is dat met de tijd verbetert. Naarmate de prefrontale cortex volledig ontwikkelt, krijgen tieners betere controle over impulsen, kunnen ze doordachtere beslissingen nemen en gaan ze meer rationeel denken. 

Tijdens deze overgangsperiode spelen ouders en opvoeders een belangrijke rol door begrip te tonen, grenzen te stellen en te helpen bij het ontwikkelen van vaardigheden voor verstandig gedrag. 

De samenwerking tussen de prefrontale cortex en de amygdala onthult dus een interessante reis van groei en ontwikkeling in het tienerbrein.

Extreem pubergedrag

Als we praten over heftig pubergedrag, dan kunnen we verschillende signalen opmerken die aandacht verdienen. 

Sommige jongeren doen zichzelf bewust pijn, bijvoorbeeld door te snijden of te krabben. Daarnaast kunnen ze last hebben van sterke stemmingswisselingen, waarbij ze snel van blij naar boos of verdrietig gaan.

Slaapproblemen komen ook voor, zoals moeilijk in slaap vallen of juist te veel slapen. Als jongeren langdurig somber of angstig zijn, kan dat een teken zijn van diepere emotionele problemen. 

Soms komt dit tot uiting in agressief gedrag, zoals ruzie maken of vechten. Het gebruik van drugs kan dienen als een ongezonde manier om met emoties om te gaan.

Daarnaast kunnen er op school plotselinge veranderingen optreden, zoals slechtere prestaties. 

Extreme prikkelbaarheid en impulsiviteit zijn veelvoorkomend, waarbij ze ondoordachte beslissingen nemen zonder de gevolgen te overwegen. Agressie en boze uitbarstingen komen ook voor.

Het vermijden van vrienden en sociale activiteiten, en het zich terugtrekken van het gezin, wijst op sociaal isolement. 

Het gebruik van alcohol en deelname aan riskante activiteiten vergroten de zorgen. Gevoelens van hopeloosheid en intense woede kunnen het emotionele welzijn verder ondermijnen.

Angst, veranderingen in eetlust of gewicht, en moeite hebben met het uiten van frustraties zijn ook mogelijke tekenen. 

Slechte schoolprestaties kunnen wijzen op verminderde concentratie of interesse in school.

Liegen of feiten verbergen, en oppositioneel opstandig gedrag, maken de situatie nog complexer.

Tot slot kan vroeg seksueel gedrag ook zorgwekkend zijn en vereist dit aandacht. Het is belangrijk om deze signalen serieus te nemen en professionele hulp te overwegen om het welzijn van de jongeren te waarborgen.

7 Ontwikkelingen van het puberbrein

Het puberbrein ondergaat tijdens de adolescentie verschillende belangrijke ontwikkelingen. Hier zijn enkele kernpunten:

Beloningsgevoeligheid. Het beloningssysteem van het brein, met name het ventrale striatum, is tijdens de adolescentie extra gevoelig. Dit verklaart de neiging van tieners om nieuwe ervaringen te zoeken en risico’s te nemen. Het heeft echter ook positieve aspecten, omdat deze gevoeligheid gekoppeld is aan een beter leervermogen, waardoor tieners gemakkelijker nieuwe informatie en vaardigheden kunnen oppikken.

Sociale invloeden en peer pressure. De sociale hersennetwerken, inclusief de spiegelneuronen die verantwoordelijk zijn voor empathie, ontwikkelen zich. Tieners zijn daardoor sterk beïnvloedbaar door hun leeftijdsgenoten. Peer pressure kan zowel positieve als negatieve effecten hebben op gedrag en besluitvorming.

Emotionele pieken en dalen. De amygdala, een deel van het limbisch systeem dat betrokken is bij emotieregulatie, ontwikkelt zich ook sterk tijdens de adolescentie. Dit kan leiden tot intense emoties en stemmingswisselingen. Het verklaart waarom tieners soms emotioneler lijken te reageren op bepaalde situaties dan volwassenen.

Hersengroei en plasticiteit. Tijdens de adolescentie ondergaat het puberbrein nog steeds aanzienlijke veranderingen. De prefrontale cortex, die betrokken is bij hogere cognitieve functies zoals planning, redenering en impulscontrole, ontwikkelt zich in deze fase. De hersenen zijn opmerkelijk plastisch, wat betekent dat ze in staat zijn zich aan te passen aan nieuwe ervaringen en omgevingen.

Zelfontdekking en identiteit. De adolescentie is een periode van intensieve zelfontdekking. Tieners experimenteren met verschillende rollen, ontwikkelen hun eigen waarden en interesses, en proberen te begrijpen wie ze zijn in relatie tot de wereld om hen heen.

Impulscontrole en risicogedrag. Hoewel de prefrontale cortex zich ontwikkelt, is deze nog niet volledig volgroeid. Dit heeft invloed op het vermogen van tieners om impulsief gedrag te reguleren. Ze kunnen vatbaarder zijn voor risicovol gedrag, zoals roekeloos rijden of experimenteren met drugs, vanwege een nog niet volledig ontwikkeld vermogen om de consequenties van hun acties volledig te overzien.

Slaappatroon en circadiaans ritme. Biologische veranderingen in de adolescentie, zoals een verschuiving in het circadiaans ritme, kunnen leiden tot een verandering in het slaappatroon van tieners. Ze hebben vaak de neiging om later naar bed te gaan en later op te staan, wat hun slaapkwaliteit en dagelijkse functioneren kan beïnvloeden.

Het begrijpen van deze ontwikkelingen helpt ouders, opvoeders en tieners zelf om de uitdagingen en kansen van deze fase beter te begrijpen en ermee om te gaan.

Waarom Varieert Pubergedrag?

Pubergedrag kan onderling sterk variëren. Het heeft te maken met een combinatie van genetische factoren, hormonale veranderingen en omgevingsinvloeden. 

Genetische aanleg en hormonen. Sommige tieners ervaren meer intense stemmingswisselingen, rebellie of emotionele ups en downs vanwege genetische aanleg of hormonale factoren. 

Anderen kunnen minder opvallende veranderingen vertonen.

Omgeving. De invloed van de omgeving speelt ook een rol. Een ondersteunende en stabiele omgeving kan helpen om pubergedrag te temperen, terwijl stressvolle situaties of problemen in de familie het juist kunnen versterken. 

Copingmechanismen. Ook de manier waarop tieners omgaan met hun emoties en sociale druk kan verschillen. Sommigen hebben betere copingmechanismen en zelfregulatie, terwijl anderen nog bezig zijn deze vaardigheden te ontwikkelen.

Kortom, pubergedrag wordt beïnvloed door een complex samenspel van genetica, hormonen en omgevingsfactoren, waardoor het verschil in gedrag tussen individuen kan ontstaan.

Take home message

Mijn persoonlijke ervaring als een rustige puber stond in schril contrast met mijn oudere zus, die dagelijks in conflict lag met onze ouders.

Deze verschillen in pubergedrag kunnen deels verklaard worden door de nog in ontwikkeling zijnde hersenen van tieners, overspoeld door hormonen. 

Het specifieke hersengebied voor impulscontrole en besluitvorming is nog niet volledig ontwikkeld, waardoor tieners meer leunen op emoties, impulsen, agressie en instinctief gedrag, wat invloed heeft op hun stemming en interacties met anderen.

Pubers kunnen zich afzetten tegen ouders en onder groepsdruk stoer gedrag vertonen. 

Tegelijkertijd worstelen ze vaak met woede, soms wijzend op diepere problemen zoals sociale druk, pesterijen, trauma of mentale gezondheidsproblemen.

Kortom, puberaal gedrag vindt zijn oorsprong in zowel het ontwikkelende brein als de hormonale golven. 

Gelukkig nemen de emotionele rollercoasters doorgaans af rond de leeftijd van 18 jaar. 

Wil je meer weten? Neem een kijkje op mijn YouTube-kanaa, waar ik vragen als deze in 1 minuut beantwoord.

Over Diederik

Diederik heeft een medisch-wetenschappelijke achtergrond. In zijn vrije tijd schrijft hij onder andere over gezondheidskwesties voor Human Nature.

Bronnen

Arain, M., Haque, M., Johal, L., Mathur, P., Nel, W., Rais, A., … & Sharma, S. (2013). Maturation of the adolescent brain. Neuropsychiatric disease and treatment, 449-461.

Vidal, J., Mills, T., Pang, E. W., & Taylor, M. J. (2012). Response inhibition in adults and teenagers: spatiotemporal differences in the prefrontal cortex. Brain and cognition, 79(1), 49-59.

Choudhury, S., Charman, T., & Blakemore, S. J. (2008). Development of the teenage brain. Mind, Brain, and Education, 2(3), 142-147.

Casey, B. J., & Caudle, K. (2013). The teenage brain: Self control. Current directions in psychological science, 22(2), 82-87.